Naar de inhoud

Je eerste tarotdeck kiezen zonder te verdwalen

Je wilt met tarot beginnen en zoekt een deck dat écht bij je past. Hier vind je heldere criteria, een vergelijking van de hoofdtradities en een stappenplan om zeker te weten dat je aankoop klopt.

Door Lotte van der Meer · · 3 min leestijd

Gestapelde tarotkaarten en doos met gouden kraanvogels, open gidsboek en brandende kaars

Als je “tarotdeck kopen beginner” zoekt, beland je al snel tussen honderden uitvoeringen: klassiek, modern, met of zonder randen, glans of mat, groot of klein. Toch draait je eerste keuze vooral om twee dingen: de traditie van het deck en de leesbaarheid voor jou. In dit stuk krijg je de minimale feiten die je nodig hebt, plus concrete criteria en een kort stappenplan om vandaag nog een passende set te kiezen.

Welke tarottradities kun je als beginner kiezen?

  • Rider–Waite–Smith (RWS): een 78‑kaarten‑deck waarvan óók de Kleine Arcana volledige taferelen heeft; het verscheen voor het eerst in december 1909 bij William Rider & Son in Londen, met illustraties van Pamela Colman Smith naar aanwijzingen van A. E. Waite (Rider–Waite Tarot).
  • Marseille‑traditie: evenzeer een 78‑kaarten‑systeem, maar de Kleine Arcana toont meestal gestileerde “stokken, bekers, zwaarden, munten” zonder scènes; het label “Tarot de Marseille” verwijst naar een familie van ontwerpen die in de 19e eeuw onder die noemer bekend raakten (Tarot of Marseilles).

Beginners ervaren de RWS‑stijl vaak als toegankelijk omdat de scènes op de Kleine Arcana het duiden vergemakkelijken; beide systemen werken echter met dezelfde basisopbouw van 22 Grote Arcana en 56 Kleine Arcana (Wikipedia NL over tarot).

Wat zijn de echt belangrijke criteria bij je eerste deck?

  • Leesbaarheid: contrastrijke kleuren, duidelijke symbolen en liefst geïllustreerde Kleine Arcana (RWS‑stijl) helpen je sneller associëren.
  • Taal en begeleiding: kies bij voorkeur een uitgave met een handleiding in je taal; dat verlaagt de drempel om meteen te oefenen.
  • Formaat en afwerking: compacte kaarten schudden makkelijker met kleine handen; mat papier spiegelt minder bij lamplicht.
  • Consistentie met leerbronnen: veel hedendaagse uitleg en oefeningen zijn op RWS‑iconografie gebaseerd, waardoor je eenvoudig kunt meelezen met voorbeelden en legpatronen.
  • Ethiek en intentie: een deck werkt als spiegel; gebruik het als hulpmiddel voor reflectie, zonder belofte van voorspelling.

RWS of Marseille: wat past bij jouw manier van leren?

KeuzeSterk puntLet hierop
RWS‑stijlGeïllustreerde Kleine Arcana ondersteunt intuïtief lezen en beginnersoefeningenVeel varianten; blijf dicht bij de klassieke composities voor herkenning.
Marseille‑stijlStrakke iconografie; goed voor tellen, numerologie en sobere symboliekMinder plaatjes op de Kleine Arcana; vraagt meer studie van getallen en elementen.

Ongeacht de traditie bestaat een standaarddeck uit 78 kaarten: 22 Grote Arcana (meestal met De Dwaas als 0) en 56 Kleine Arcana in vier “kleuren” of elementen (Major Arcana; Wikipedia NL).

Stappenplan: zo kies en test je je eerste deck

  1. Bepaal je leerpad: wil je vooral intuïtief met scènes werken of juist met cijfers en elementen? Kies dan respectievelijk RWS of Marseille.
  2. Check de leesbaarheid: bekijk online een paar voorbeeldkaarten (bijv. De Dwaas, Zwaarden 3, Bekers 10). Kun je zonder gids al een paar associaties noteren? Dat is een goed teken.
  3. Kies een uitgave met boekje in je taal. Dat maakt het eenvoudiger om dagelijks te oefenen met een kleine legging of een dagkaart.
  4. Kies een praktisch formaat: past het deck in je handen en schuift het niet weg op tafel? Mat papier is vaak rustiger bij kunstlicht.
  5. Start met micro‑oefeningen: trek elke dag één kaart en schrijf twee zinnen over wat je ziet. Gebruik daarbij onze uitleg over wat tarotkaarten betekenen om je vocabulaire uit te bouwen.

Werkt je keuze in de praktijk? Zo controleer je dat

  • Kun je met 3–5 kaarten al een eenvoudig verhaal leggen zonder voortdurend te bladeren? Dan klopt de beeldtaal voor jou.
  • Houd je een week lang een dagkaart‑dagboek bij; merk je dat de kaartbeelden je taal geven voor wat speelt, dan zit je goed. Wil je hiermee beginnen, lees dan hoe je een tarotkaart als dagkaart trekt.
  • Blijft een deck “mooi maar stil”? Dan is dat een signaal dat een andere traditie of afwerking je beter ligt. Dat is normaal: het systeem (78 kaarten, 22 Grote + 56 Kleine) blijft gelijk, maar de beeldtaal verschilt per traditie.